Zoeken in deze blog

dinsdag 7 augustus 2012

QNX2, Meer van Tranen met Johan Tahon, Peter Verhelst en Maud Bekaert in Brugge

Op 20 juni, de dag waarop de zon loodrecht op de evenaar staat, en dag en nacht voor één keer even lang zijn, opende in de Poertoren in Brugge QNX2, Meer van Tranen. Een artistieke samenwerking tussen Johan Tahon, Peter Verhelst en Maud Bekaert. Een totaalbeleving die raakt.
Ne pleure pas, si tu m'aimes.
La mort n'est rien.
Je ne suis pas loin, juste de l'autre côté du chemin.
(Saint-Augustin, "Ne pleure pas")

Johan Tahon, QNX2, 2012

(Foto: Maud Bekaert)
Binnenin de toren een beeld van Johan Tahon. Een wenende figuur, verborgen voor zijn tristesse, opgesloten in zijn wonden en herinneringen. Wit, bang van zijn eigen zwaarte en verdriet. Een vergeetput. Donker en stil. Alleen de echo van een traan. Meer van Tranen is een rituele tijdszone, een magische plek waar we weer even stil mogen worden en alleen willen zijn. Als bezoeker loop je op stenen door het water en sta je onvermijdelijk oog in oog met Tahon's huilende sculptuur. Tranen van liefde, stromend van verlangen. Een beeld dat raakt en aanraakt. Een loutering.
Tant d'amours et tant de larmes.

Meer van Tranen is een stilteplek. En dat geldt ook voor de tentoonstelling De Treurenden in het Sint-Janshospitaal. In de late middeleeuwen stonden deze albasten beeldjes te treuren op de graftombe van Jan zonder Vrees. Nu, zes eeuwen later werden ze voor het eerst uit hun museale context gehaald (Musée des Beaux-Arts in Dijon) en tonen ze ons, en plein publique, hun grootste verdriet.  Ook hier een sfeer van weemoed en verlangen. Om het leven en de dood. Verdriet om zovele liefdes. Tant d'amours et tant de larmes.
Johan Tahon, QNX2, 2012
(Foto: Maud Bekaert)
QNX2, Meer van Tranen, nog tot en met 19 augustus in de Poertoren (Minnewaterpark) in Brugge (donderdag tot en met zondag, van 15 tot 19u), www.qnx.be
De Treurenden. Tranen van liefde, nog tot en met 19 augustus in het Sint-Janshospitaal, Mariastraat 38 in Brugge (dinsdag tot en met zondag, van 9u30 tot 17u), www.museabrugge.be

(c) Veerle De Saeger voor 'Waterschoenen'


woensdag 1 augustus 2012

Pieter De Bruyne (1931-1987) in het Designmuseum te Gent

Wanneer je in Aalst de naam Pieter De Bruyne uitspreekt, levert dat dikwijls wenkbrauwengefrons op. Dat hij intussen al 25 jaar overleden is, zal daar wellicht voor iets tussen zitten. Maar toch is zijn naam en faam in zijn stad veeleer zaak van een relatief beperkte kring. Nochtans is Aalst de stad waar hij geboren werd, woonde en werkte. Bovendien zijn er in de stad wel wat sporen van hem terug te vinden, zoals zijn voormalig woonhuis in de Stationsstraat of winkels die door hem ingericht werden (o.a. Patisserie Malpertuus in de Kattestraat of Kinderschoenenwinkel Elfi in de Vrijheidsstraat).
In de buurt van het voetbalstadion is zelfs een straat naar hem genoemd. 'Aalsterse kunstenaar' staat onder zijn naam op het bordje. Het is me een raadsel of zich daar iemand in de buurt iets kan bij voorstellen.
In de buurt van het Aalsterse voetbalstadion
In 1953 studeerde Pieter De Bruyne in Sint-Lucas (Brussel) af als binnenhuisarchitect. Amper twee jaar later stond hij daar terug als docent binnenhuisarchitectuur en toegepaste kunsten in de afdeling Bouwkunst.
Vanaf 1954 engageerde hij zich als meubelontwerper op de markt van het 'sociale' meubel. Hij wilde, in samenwerking met meubelproducenten, degelijke en eigentijdse, maar voor iedereen betaalbare meubels creëren. Het experiment werd geen succes, omdat de producenten hem onvoldoende steunden, de ontwerpen illegaal gekopieerd werden en het beoogde publiek er niet echt wakker van lag.
Vanaf 1960 schakelde hij definitief terug op ambachtelijke productie, die hem overigens met de paplepel ingegeven was. In het meubelatelier van zijn vader (Emiel) had hij al vroeg de kneepjes van het vak geleerd. Vakmanschap gekoppeld aan beredeneerde 'inspiratie' werd de standaard voor zijn verdere loopbaan.

Pieter De Bruyne, "Dag en Nacht", Bergmeubel ("Dag" kant),
1982, Unicaat, ambachtelijke uitvoering
Collectie Design Museum Gent
Vanaf 1954 ondernam hij diverse studiereizen naar Italië, het designland bij uitstek. Hij liep ook stages in Milaan bij Gio Ponti (1891-1979), één van de belangrijkste Italiaanse architecten-designers.
In de loop van zijn carrière bleef hij ontelbare landen en culturen verkennen, waar hij telkens ook zijn blik op de meubelkunst, zowel historisch als vaktechnisch, wilde verruimen.
Zo zullen we bijvoorbeeld de Italiaanse renaissance-architectuur en elementen uit de Egyptische meubel- en bouwkunst zien opduiken.
De Bruyne is (mede dank zij zijn vader) een ambachtsman, maar daarnaast ook een kunstenaar. Precies die combinatie maakt zijn experimenten zo boeiend en overtuigend, omdat hij zijn originele ideeën met een technische perfectie en een onvoorstelbaar ruimtelijk inzicht zelf kan uitvoeren. Dat zorgt natuurlijk voor een grotere exclusiviteit van zijn oeuvre. Daarmee staat hij ver van het 'sociale' karakter uit zijn beginperiode, maar toch bleef hij steeds trouw aan de puurheid van zijn ontwerpen.

Op weg naar de tentoonstellingsruimte van Pieter De Bruyne
in het Designmuseum
Dat deze tentoonstelling in het Gentse Designmuseum doorgaat, is vanzelfsprekend geen toeval. Een aantal van de tentoongestelde meubels behoren tot de vaste collectie van het museum, dat eveneens de complete bibliotheek en het archief van de ontwerper toegewezen kreeg.
Wie ooit het museum bezocht, heeft ongetwijfeld op de hoogste verdieping van het achterhuis de ontwerpen van Pieter De Bruyne naast het werk van onze andere meubeldesigner Emiel Veranneman gezien.

Vooraleer we op stap gaan tussen de meubelstukken uit de tentoonstelling, moeten we toch ook even de andere aspecten van zijn oeuvre belichten. De Bruyne engageerde zich ook in totaalconcepten, waarbij interieurs als het ware herschapen werden in een aaneenschakeling van meubelsculpturen met kamers die toch telkens weer een eigen sfeer uitstralen. Bovendien waren er zijn niet te onderschatten architecturale kwaliteiten.

Voormalig woonhuis van Pieter De Bruyne in Aalst (Stationsstraat)
Wie ooit de kans kreeg zijn huis in de Stationsstraat (nr. 16) in Aalst te bezoeken, komt terug buiten met het beeld van een niet alledaags, maar ontzaglijk doordacht interieur. De voorgevel van deze verbouwde woning oogt, op een paar details na, heel gewoon. Daarachter zorgde De Bruyne in 1972 voor een combinatie van de bestaande woning met een nieuwe achterbouw, waarbij de woonfunctie grosso modo naar het achterhuis verplaatst werd en de professionele activiteiten aan de straatkant gesitueerd werden. Tegenover de sobere openheid van het nieuwe gedeelte staat de extreem gekleurde 'meubelarchitectuur' (de rode, blauwe of witte kamer met elk een specifieke functie) aan de straatkant.

Pieter De Bruyne, "Chantilly", Bergmeubel, 1975,
beperkte productie, ambachtelijke uitvoering,
Collectie Design Museum Gent
Drijvende kracht achter de tentoonstelling is Christian KIECKENS (°1951), architect en leerling van Pieter De Bruyne. De tentoonstelling en het gelijknamige boek (i.s.m. Eva STORGAARD) is dan ook een hommage aan zijn mentor, onder de titel: 'Pieter De Bruyne - Pionier van het postmoderne'.
De Bruyne maakte nooit deel uit van postmodernistische groepen als 'Alchimia' en 'Memphis', hoewel het hem uitdrukkelijk gevraagd werd. Hij was veeleer een voorloper en bovendien te persoonlijk om in een groep te functioneren.
De tentoonstelling biedt een overzicht van realisaties vanaf 1957 tot enkele maanden voor zijn dood in 1987. Beginnend bij de 'industriële' ontwerpen zien we de kinderkamer uit 1957, het kinderbedje uit 1958 of de zetel (1960) die door Arflex (Milaan) geproduceerd werd. Het zijn telkens voorbeelden van uitgkiende soberheid, gekoppeld aan het nuttigheidprincipe en met oog voor esthetiek.
Toch zou De Bruyne rond 1960 (om reeds aangehaalde redenen) terugschakelen naar de eigen, ambachtelijke productie.
De meubels van De Bruyne blijven steeds, ondanks de aparte vormgeving, de soms verborgen ruimtes en de ingebouwde symboliek, echte meubels met de functies vandien.
Pieter De Bruyne, "Benares", Open scheidingswand, 1978, Unicaat, ambachtelijke uitvoering,
Collectie: privéverzameling.
& Dubbele stoel, zitmeubel voor man en vrouw, 1974, beperkte productie, ambachtelijke uitvoering,
Collectie Designmuseum Gent
We nemen U even kort mee doorheen de tijd en de tentoonstelling...
1973: witte en zwarte kast, een toonbeeld van contrast en eenheid, gerealiseerd in beperkte, ambachtelijke productie.

1974: De dubbele stoel, een zitmeubel voor man en vrouw (zie foto hierboven).

1975: De kast 'Chantilly' is een 'kruising' tussen een zorgvuldig nagebootst 18e eeuws Frans meubel (uit Musée Condée in Chantilly) en een origineel ontwerp van De Bruyne (zie foto hoger).

1978: 'Benares' open scheidingswand is een grotendeels open structuur, met verschillende elementen die ook gewijzigde opstellingen toelaten (zie foto hierboven).

1979: Hulde aan Gio Ponti n.a.v. zijn overlijden is een bergkast in wit en geel hout, perspex en verlichting, met toepassing van de principes van Ponti, zijn leermeester.
 1982: Dag- en Nachtmeubel, een uniek exemplaar als vrijstaande bergkast in wit, zwart , blauw en rood gelakt.(samen met de 'Chantilly-kast' één van de pronkstukken uit de collectie van het Designmuseum) (zie foto hoger).

1983: 'La Rotonda en een grote witte maan' is een lage tafel met berging (een expliciete verwijzing naar Villa Rotonda van Andrea Palladio).

In het museum wacht U natuurlijk nog veel meer...ook het unieke boek.

Boek onder redactie van Christian Kieckens & Eva Storgaard
Uitgave van University Press Antwerp, 2012
ISBN 9789070289300
Pieter De Bruyne
Pionier van het postmoderne
tot 21 oktober 2012
dinsdag t.e.m. zondag: 10 tot 18 uur
in het DESIGNMUSEUM
Jan Breydelstraat 5
900 GENT

vrijdag 27 juli 2012

Zomersalon bij galerie budA in Asse


Tot 15 september 2012 staat Galerie budA even stil voor een zomerse terugblik op kunstenaars en werken uit voorbije tentoonstellingsseizoenen.
Wij maakten voor U een wandeling door de collectie en noteerden enkele opmerkelijke beelden.
Zelf kunt U na afspraak een kijkje gaan nemen... om nog veel meer te ontdekken.

Door op de naam van de kunstenaars te klikken, gaat U naar een artikel in WATERSCHOENEN over hun vorige tentoonstellingen bij budA.

Benoit Félix @ Galerie budA

Benoit FELIX was in het voorjaar nog te gast met een individuele tentoonstelling. Werken van toen en nieuwe aanwinsten zorgen voor een schitterende kijk op het verfrissende oeuvre van deze 'mimimalistische papierkunstenaar'.


 Michael Chia @ Galerie budA

Fotograaf Michael CHIA was reeds enkele keren te gast in Galerie budA met zijn schijnbaar vluchtige, maar o zo oosters-mystieke beelden uit de series 'Happy Rain' of 'Dreams in Dreamland'.


 Bob Verschueren @ Galerie budA

Een minimale wandsculptuur van Bob VERSCHUEREN met gevonden en natuurlijke middelen uit een tentoonstelling van 2006 heeft nog niets aan actualiteits- en artistieke waarde ingeboet.


Valéro-Kim & Frantz Absalon @ Galerie budA

Met totaal andere middelen, maar als compagnons in kleurigheid vinden we VALERO-KIM en Frantz ABSALON.

Tot 15 september 2012
ENKEL NA AFSPRAAK
02/306.50.95

Galerie budA
Buda 14
1730 ASSE

(c) Foto's: Artspotter

dinsdag 24 juli 2012

Wandelen in Watou tussen woord en beeld


Eén van de kwaliteiten van het Kunstenfestival Watou is ongetwijfeld het ontbreken van spektakelwaarde. Watou 2012 gaat ongegeneerd voor verdieping en verstilling, mede door terug te plooien op de samenhang tussen taal en beeld.

Zelfs de goden zijn welkom in Watou, al lieten die van het weer het de eerste twee weken meermaals afweten. Maar Belgische zomers zijn nu eenmaal wat ze zijn. Dus moesten we in ons verslag van vorig jaar ook al diezelfde vaststelling maken.

Waar vorig jaar 'herinnering' het kernwoord was, ligt de nadruk nu op 'ontmoeting', meer bepaald op toevallige ontmoetingen.

Wandelen tussen taal en beeld in Watou

In Watou ontmoeten taal en beeld elkaar traditiegetrouw in de werken van dichters en beeldende kunstenaars. De toeschouwers ontdekken in het werk de gesuggereerde of zelf gelegde verbanden en keren hopelijk verrijkt naar hun gewone leven terug.

De wandeling tussen taal en beeld die wij U aanbieden volgt getrouw het circuit, maar bevat uiteraard nogal wat persoonlijke keuzes of voorkeuren. Uw eigen bezoek levert wellicht gelijkaardige, maar ongetwijfeld ook andere impressies en belangstellingsvelden op.


Wim Opbrouck, uit 'Veertien tekeningen voor Watou', 2012

Starten doe je bij het onthaal in het Douviehuis (1), waar je ook de Poëzieshop vindt (een initiatief van het Poëziecentrum in Gent). Wim OPBROUCK zorgt voor een leuk extraatje met 'Veertien tekeningen voor Watou' op postkaartformaat en gebaseerd op zijn meest inspirerende dichters.


Sofie Muller, Brandt, 2011

Onze volgende halte ligt slechts een paar huizen verder. In het voormalige klooster (2) worden we geconfronteerd met een bedrukte, zorgelijke kinderwereld, vormgegeven door Sofie MULLER in de schitterende sculpturen 'Clarysse' en 'Brandt', die we reeds eerder bespraken naar aanleiding van haar tentoonstelling in Antwerpen. Laat U hier verrassen door de onverwachte verschijning van 'Brandt' en stel vast hoe Bart MOEYAERT probeert de wanhoop enigszins te ontzenuwen in zijn gedicht dat eindigt met: "... het lijkt mij aangenaam als we vandaag gewoon eens naar de wereld kijken, hoe jij die hebt veranderd".
Ook Meggy RUSTAMOVA drukt haar stempel op de onwezenlijk witte ruimte van dit klooster en trekt zich met haar moeder terug in een duister hoekje (Video M.A.M).


Meggy Rustamova, Cachet, 2009-heden

In de kerk (3) gaat Fabrice SAMYN de dialoog met het hogere, het sacrale aan. Het beeld dat meteen bij het binnenkomen opvalt is de grote ladder hoog in de middenbeuk als symbool voor de weg tussen aarde en hemel (of omgekeerd). Maar er is meer...




Sergey Bratkov, Magic Carpet, 2006

In het gemeenthuis (4) toont curator Hilde Teerlinck een selectie uit 'haar' collectie van FRAC Nord-Pas de Calais. Dit jaar ligt de nadruk op fotografie met een bijzonder opvallende bijdrage van Sergey BRATKOV, al mag U de ingreep van Nina BEIER (Wedge, 2011) zeker niet uit het oog verliezen.

Alex Verhaest, Character Study (Angelo, Helene, Dolores), 2011

Dan gaan we nu (letterlijk weliswaar) het hoekje om naar het minuscule huisje 'De Rode Hoed' (5), waar de uitbundige openheid die Tamara Van San er vorig jaar bracht nu omgebouwd is tot een ingetogen intimiteit (al mag U de dreigende ondertoon niet onderschatten) met de quasi bewegingloze videoportretten (en een bloemenstilleven) van Alex VERHAEST, die duidelijk haar klassiekers kent. De verwijzingen naar de Vlaamse Primitieven zullen U ongetwijfeld niet ontgaan.


Koen Vanmechelen, Coming World, 2011 & Cosmopolitan Chicken World, 2000-2008

Nu wacht ons een wandelingetje tot buiten de dorpskern naar de Douviehoeve (6).
Laat U daar meteen verleiden door Koen VANMECHELEN, die met een reusachtig ei in 'Coming World' de hele wereld inpalmt, terwijl zeven van zijn 'Cosmopolitan Chicken' het schouwspel bekijken, quasi letterlijk ondersteund door poëzie van Remco Campert, Jorge Luis Borges en anderen.

In de duistere ruimte vlakbij vinden oosterse en westerse verdieping en meditatie elkaar in de confrontatie tussen de 'Ash Buddha' en de 'Ash Jesus' van Zhang HUAN.

Op weg naar de achtergelegen installatie 'Transporter' van Lawrence MALSTAF krijgen we in de lange gang een bio-bibliografische kijk op de dichter Leonard NOLENS, die perfect weerspiegeld wordt in die ene zin: "OM TE SCHRIJVEN MOET JE DAG EN NACHT BESCHIKBAAR ZIJN".

Zin om deel uit te maken van een kunstwerk? Het kan op de 'zelfbespiegelende' transportband van Lawrence MALSTAF.


Leonard Nolens

In de kleine stalletjes wordt de confrontatie tussen poëzie en beeldende kunst pas echt doorgevoerd dankzij Roland JOORIS en Tom JOORIS. Vader en zoon spreken een gelijkaardige, uitgepuurde, afgeschuurde, tot de essentie gereduceerde taal in woord of beeld, afhankelijk van hun discipline: poëzie en schilderkunst.


Tom Jooris, Yellow Window, 2012
Roland Jooris, Density (uit: Bladstil)

Ieva EPNERE en Hamza HALLOUBI, allebei residenten van het HISK en met een buitenlandse achtergrond, laten hun licht schijnen op 'gesloten deuren' of 'weggaan'.

Ieva Epnere, Untitled, 2012 (detail in spiegelbeeld)

Misschien voelt U toch wel wat voor de erotische poëzie van de Braziliaan Carlos DRUMMOND DE ANDRADE. Dan moet U nog even langs gaan in de eventruimte voor het filmportret 'O Amor Natural' van Heddy Honingmann.

Randall Casaer, tekeningen

We zetten onze wandeling verder naar het Blauwhuys (7), waar vooral de 'eenvoudige' installatie van Michelangelo PISTOLETTO diepe indruk maakt. De koppeling aan het gedicht 'The Judgment of the Mirror' van Hedwig SPELIERS  zorgt voor een absolute meerwaarde.
Is het toeval dat vorig jaar in ditzelfde stalletje de 'oren van Yves Velter' tegen de muur hingen ? (de sporen zijn er nog...)

Dichters bekijken en beluisteren kan aansluitend in de stal ernaast: Claus, Lucebert en heel wat anderen.


John Isaacs, Untitled (blue and red self-portrait), 2007

Verlies U verder in de 'dansende' tekenstijl van Randall CASAER en geniet van de veelzijdige vorm- en kleurenrijkdom in het werk van John ISAACS (zijn zelfportret herkent U overigens in Uw toegangsticket).

Michelangelo Pistoletto, Inginocchiatoio, 2012


Dichters op stal

We keren terug naar het dorpscentrum. Het parochiehuisje(8) dat vorig jaar door Sara Bomans tot een poëtisch (liefdes)nest werd omgebouwd, is nu het terrein van fotograaf Jimmy KETS, die er zijn hoogstpersoonlijke, kleurrijke 'love-hotel' van gemaakt heeft als ode aan zijn muze Julie: WELCOME TO HOTEL KETS !

Speels, direct, ontwapenend, verliefd, lichtjes surrealistisch, intiem, goed gek, maar o zo prettig...!


Jimmy Kets, Hotel Kets (detail), 2012

Tenslotte is er de kelder van de brouwerij (9).
Daar wacht ons een installatie van een totaal andere aard. Andreas HETFELD heeft deze duistere ruimte omgebouwd tot een monument voor 'geloof'. De biddende handen op de grond richten zich tot 'iets', een god (?). De zwevende wolk daar boven bestaat uit zowat 2000 keramiekscherven van diezelfde handen, opgehangen aan nylondraden. Hoop, verwachting, verscheurdheid, twijfel, licht en duisternis gaan hand in hand in een onvoorstelbaar krachtig totaalbeeld dat het mysterie intact houdt.


Andreas Hetfeld, Raum der Sehnsucht - Stille Schreie, 2012

U kan zelf in Watou nog gaan wandelen tussen taal en beeld...
tot 2 september 2012

woensdag-donderdag-vrijdag: 14 - 19 uur
zaterdag-zondag: 11 - 19 uur

maandag en dinsdag gesloten


vrijdag 20 juli 2012

Tentoonstellingstips van Artspotter

De afgelopen weken nam WATERSCHOENEN U mee naar verschillende tentoonstellingen die ook nu nog te bezoeken zijn. Dus bezorgen we U nog een aantal tips met verwijzing naar de bespreking in WATERSCHOENEN.

Erwin Olaf in het Kasteel van Gaasbeek

Erwin OLAF met 'Exquisite Corpses' in het Kasteel van Gaasbeek tot 19 augustus 2012



dominiq v.d. wall als curator van 'Scratcch' in Light Cube art gallery

'Scratcch' in Light Cube art gallery te Ronse tot 26 augustus 2012



Stijn Ank in het SMAK

Stijn ANK met 'Interval' in de Kunst Nu-ruimte van het SMAK tot 19 augustus 2012

WEGENS GROTE BELANGSTELLING VERLENGD TOT 18 OKTOBER 2012 !!!


Lee Ranaldo bij Galerie Jan Dhaese

Lee RANALDO met 'Constellations' bij Galerie Jan Dhaese tot 29 juli 2012

http://waterschoenen.blogspot.be/2012/07/lee-ranaldo-met-constellations-bij.html


Vincent Geyskens in het SMAK

Vincent GEYSKENS met 'UnDEAD' in het SMAK tot 2 september 2012




Cecilia Jaime in haar eigen galerie

'We are here' bij Cecilia Jaime Gallery in Gent tot 12 augustus 2012


Op het spoor van TRACK

TRACK in de Gentse binnenstad tot 16 september 2012


Artistiek tuinieren bij Kristof De Clercq

'(It) Works on Paper' bij Kristof De Clercq in Gent, nu met vakantie, maar opnieuw te bezoeken van 13 augustus tot 16 september 2012

http://waterschoenen.blogspot.be/2012/06/it-works-on-paper-bij-kristof-de-clercq.html