Zoeken in deze blog

vrijdag 15 juli 2011

Expo 'FRIENDS' in 6b gallery te Elingen

“6b is a home to innovative exhibitions across a variety of media and genres”


Onder dit motto organiseert illustrator en grafisch vormgever Alain Biltereyst deze maand 'Friends', een groepstentoonstelling met eigen werk en werk van vier gastkunstenaars in zijn woning annex studio in Elingen, Oudenaaksestraat 6b.

De werken van Biltereyst zelf sluiten heel nauw aan bij zijn grafisch werk als illustrator. Zijn met geometrische lijnen, patronen en tekens beschilderde paneeltjes knipogen naar geometrische tradities uit de jaren ’60 maar zeker ook naar graffiti en street art. Biltereyst houdt van geometrische en lineaire patronen, tekens en tags en toont ons de eenvoud ervan. Zijn bijzonder gestileerde en qua formaat zeer bescheiden werken voelen zich perfect thuis in deze hedendaagse woning/ruimte vol licht en design.


Vrienden van dienst zijn Hugo Meert (keramiek), Dominique Vangilbergen (tekeningen), Frederic Van Hoof (foto’s) en P.B. Van Rossem (schilderijen). En vrienden voelen en vullen elkaar perfect aan, zo blijkt ook hier. Een tentoonstelling die weinig woorden hoeft. Iets voor estheten.

Keramist Hugo Meert tast de grenzen en raakpunten af van kunst en design, ambacht en industrie en doet dat steeds met de nodige dosis humor. In tegenstelling tot heel wat keramiek is zijn werk vaak puur handwerk, met unieke stukken als resultaat. Aan de muur in de studio beneden twee zwarte rupsvormige vormen die het licht van de TL-lampen perfect opvangen en reflecteren; daarnaast een gouden hamer. In de boekenkast met vitrine een in elkaar gezakte lamp Parfait Composé in wit porselein, een door een Terrarist in elkaar geslagen bol en een reeks Chiclets Pins, porseleinen designer pins in de vorm van een kauwgum (in samenwerking met Gille Delhaye).


De tekeningen van Dominique Vangilbergen zijn op het eerste zicht overweldigend naast de meer eenvoudige werken van de andere vrienden in huis. Met pen, potlood en papier schept hij een soort paradise lost, in tinten van zwart en blauw. Als geen ander plaatst hij natuur en cultuur, mens en dier samen in een imaginaire tuin van eden en stelt hiermee onze beschaving in vraag, zonder zelf een uitgesproken visie of kritiek te geven. Vangilbergen benadrukt subtiel de schoonheid van zowel natuur als cultuur en laat de kijker zijn eigen plaats zoeken in de jungle van de wereld. Zijn tekeningen hebben iets mysterieus, stil en verstild. Subtiel maar tegelijk overweldigend.

Het werk van P.B. Van Rossem is zeker en vast een verlengstuk van zijn vorige leven als ontwerper van stoffen en tapijten. Zijn inspiratiebronnen zeggen genoeg om zijn kleurrijke, poëtische schilderijtjes (meestal op hout) te appreciëren: humanisme, evolutie, herinnering, eenvoud, vrede, filosofie, textuur, materie, concept, figuratie, abstract, kleur, papier, doek, paneel, vinyl, olieverf, aquarel, potlood, lijm, medium, klassieke muziek, jazz en wereldmuziek.


De foto’s van Frederic Van Hoof ten slotte zijn een mooie afsluiter van dit vriendenclubje van estheten en vormen een mooi contrast met Hugo Meert’s zwarte keramieken er tegenover. Van Hoof toont ons een reeks naaktportretten, vaak in profiel, van mannen en vrouwen in eenvoudige poses tegen een overbelichte, felwitte achtergrond. Stuk voor stuk bijzondere lichamen die uiterst gestileerd en geïdealiseerd op ons overkomen. Pure fotografie, pure lichamen. Zijn foto’s zijn confronterend maar zonder ordinair te zijn.

Expo 'Friends' van 3 juli tot en met 29 juli 2011
(elke zondag 14-18u of na afspraak)
in 6b gallery, Oudenaaksestraat 6b, 1671 Elingen (Pepingen)


(c) tekst voor Waterschoenen: Veerle De Saeger, lic. kunstgeschiedenis / Galerie budA
(c) foto's: Alain Biltereyst, 2011

maandag 11 juli 2011

Collectie Tony Herbert in Museum Dhondt - Dhaenens te Deurle



In november 1968 werd het Museum Dhondt-Dhaenens plechtig geopend. Irma Dhaenens, weduwe van Jules Dhondt, maakte het op die manier mogelijk hun kunstcollectie "onverdeeld en integraal toegankelijk te houden".

Maar aangezien het ook in de bedoeling van de stichters lag om ruimte te scheppen "voor het inrichten van allerhande manifestaties die van aard zijn dat zij de algemene cultuur en/of het welzijn in Vlaanderen bevorderen", werd en wordt ook vandaag een dynamisch beleid gevoerd.
Via tijdelijke tentoonstellingen van hedendaagse kunstenaars en collecties van moderne kunst uit andere verzamelingen wordt de bestaande collectie getoetst en geactualiseerd.


Na de collectie Matthys in 2007 en de collectie Cooreman in 2009 is deze zomer de collectie Vlaamse modernisten van Tony Herbert aan de beurt. Er wordt gefocust op zes topnamen uit de collectie: Jean BRUSSELMANS, Gust DE SMET, Constant PERMEKE, Edgard TYTGAT, Frits VAN DEN BERGHE en Rik WOUTERS.

Tony HERBERT (1902-1959) was een Kortrijkse industrieel die zich vanaf het einde van de jaren '30 als verzamelaar manifesteerde, maar vooral einde jaren '40 en begin jaren '50 een schitterende, coherente collectie van vooral de bovenstaande kunstenaars uitbouwde. Bovendien ontpopte hij zich als een overtuigd promotor van de Vlaamse moderne kunst.
Eigenlijk begon hij pas laat hun werk te verzamelen. Nochtans toonde hij zich reeds vroeg als een strijder voor de erkenning van de Vlaamse cultuur in België.
Als verzamelaar en verdediger van 'zijn' kunstenaars bracht hij hun werk in bruikleen bij grote tentoonstellingen, maar ook organiseerde hij in zijn eigen villa 'Sporenhof' belangrijke hommages voor Gust De Smet (1948), Edgard Tytgat (1949) en Jean Brusselmans (1952), ten behoeve van de 'decisionmakers' uit de culturele, politieke, financiële en bedrijfswereld van die tijd.


Centraal achteraan: Rik Wouters: Portret van Mevrouw Giroux, 1912/13, Groeningemusea Brugge

Maar laten we ons nu concentreren op de tentoonstelling zoals ze hier gepresenteerd wordt. Meteen in de hal is bij de balie een begeleidende tekst beschikbaar. Wij nemen U nu reeds mee op een wandeling in de sobere, open ruimtes van het museum.
Links brengt een muurtekst, gekoppeld aan enkele foto's, ons meteen bij de les.

Achteraan eisen een groot schilderij en twee sculpturen van Rik WOUTERS (1882-1916) alle aandacht op.
Alle hier vertegenwoordigde kunstenaars zijn tijdgenoten, maar Rik Wouters werd amper 33 jaar. In korte tijd realiseerde hij nochtans een gigantisch en hoogstaand oeuvre. In 1912 kreeg hij van Galerie Giroux een contract aangeboden. Daardoor kon hij internationaal tentoonstellen en kennis maken met buitenlands werk. Zijn artistieke carrière werd in 1914 abrupt afgebroken door de eerste wereldoorlog en zijn fatale ziekte in 1916.

Rik Wouters: Huiselijke zorgen, 1913/14, brons, Groeningemuseum Brugge & Studie voor La folle danseuse, 1912

Het geschilderde portret van Mevrouw Giroux is typisch voor zijn 'Brabants fauvisme': fris, levendig, kleurrijk,...
De sculptuur 'Huiselijke zorgen' (zie ook in Middelheim Openluchtmuseum) is gebaseerd op zijn model bij uitstek, zijn vrouw Nel. Let ook op de kleine tekening van 'Het zotte geweld' (sculptuur bij de ingang in Middelheim Openluchtmuseum) en de buste van Ensor.

Hier verschijnt ook Edgard TYTGAT (1879-1957) al in beeld. Aanvankelijk behoorde hij met Wouters (en ook Brusselmans) tot het Brabants fauvisme, maar later evolueerde hij naar een totaal eigen kunstbeeld. Van hem onthouden we vooral de naïef aandoende plastische uitwerking, maar ook de kinderlijke vreugde en openheid in zijn onderwerpen.

Terug in de hal gaan we eerst naar de rechterzaal.
Meteen links maken we kenneis met 'De boswachter' (1927) van Constant PERMEKE (1886-1952). De meestal bonkige en donkere figuren zijn typisch voor het plattelands-expressionisme van Permeke.


Bij Gust DE SMET(1877-1943) is de hoekigheid speelser en kleurrijker van aard, ook in de onderwerpen, zoals in 'De minnaars' (1931) of 'Het groot bal' (1932).

En dan is er natuurlijk opnieuw Edgard TYTGAT. Hij liet alle stijlen aan zich voorbij gaan, plukte er soms uit wat hij zinvol vond, maar bouwde uiteindelijk zijn eigen 'speeltuin' met figuren in hun decor. Telkens tref je in zijn werk die speelsheid aan, met in de coulissen of op de achtergrond toch iedere keer de tragiek van het leven. Uit zijn titels, uit zijn beelden of de combinatie van beide komt ook steeds de fijne humorist naar voor.

We sluiten die eerste grote zaal af met tweemaal Jean BRUSSELMANS (1884-1953). Tony Herbert bezit van hem een serie absolute topwerken. Gedurende een hele periode was hij zijn belangrijkste (zoniet enige) verzamelaar met ruim zestig werken. Het 'Stilleven met groene peren' (1933) is een typisch voorbeeld van de geometrisch-constructivistische invloeden in zijn werk. In zijn 'Zonnig Brabants landschap' (1940) zorgt een plotse kleuropstoot voor een frivolere benadering (ik ontwaar hier de aanzet voor de imaginaire landschappen van Maurice Wyckaert).

Rik Wouters: De tekenaar (Edgard Tytgat), z.d. & Breiende vrouw, z.d.

Via de hal trekken we nu naar de grote zaal met de glazen binnentuin. De meditatieve kern zorgt samen met de summiere verdeling door panelen voor een totaal andere beleving van de ruimte. Er ontstaan 'kamers' die een andere accrochage mogelijk maken.

Meteen bij het binnenkomen staan we oog in oog met 'De verliefden in het dorp' (1925) van Frits VAN DEN BERGHE (1883-1939), waarmee hij vormelijk en qua koloriet nog heel sterk aansluit bij zijn vriend Gust De Smet. Enige tijd later begon hij steeds meer op te schuiven in de richting van een surrealistische beeldtaal, waarin Tony Herbert hem geenszins zou volgen.


We volgen naar links waar alweer Jean BRUSSELMANS schittert met onder andere een zeer sober 'Groot winterlandschap' (1939) en om de hoek op de buitenkant van het paneel zijn 'Zelfportret' uit datzelfde jaar.
Ik laat me hier ook graag verleiden door de prachtige pentekeningen van Rik WOUTERS, o.a. 'De tekenaar Edgard Tytgat'.

Aan de achterkant van het paneel kijkt het magistrale 'De papeter' (1922) van Constant PERMEKE uit over de zaal en de binnentuin.

Maar we gaan verder langs de buitenwanden met Jean BRUSSELMANS en 'Het grote interieur' (1939) waar zijn vrouw poseert in de grijze ruitjesjurk die je ook in de Brusselmanstentoonstelling in MuZEE meermaals geserveerd krijgt. Portret en stilleven zijn hier samengesmolten, in tegenstelling tot de 'Zittende jonge vrouw' (1946), waar alle aandacht naar het model gaat, ten nadele van een nu vage achtergrond.


In de voorlaatste hoek duikt (net als in MuZEE te Oostende) nog een versie van 'De mansarde' (1939) op: hoekigheid en blauw aan de macht.

Het bijzonder intieme 'De maaltijd' (1931) van Gust DE SMET zorgt hier voor een heel warme toets op het middenpaneel. Aan de achterkant mag Jean BRUSSELMANS beheerst tekeer gaan met 'De Storm' (1936).

Nu mogen we ons nog even verliezen in de 'sprookjeswereld' van Edgard TYTGAT: La femme de Loth, Soirée bourgeoise, Oosters verhaal (van liefde en goedheid) of Les vieillards tragiques... aan U de keuze.


Let op het paneel met twee werken van Gust DE SMET. Laat U meenemen in de dromerige, warme en uitgebalanceerde compositie van 'De zomer' (1926) of het frivole 'De taal der bloemen' (1927).
En mocht U zich geroepen voelen... het voormalige atelier en woonhuis van Gust De Smet ligt hier bijna letterlijk om de hoek (Gustaaf De Smetlaan 1) (open van woensdag tot zondag van 12 tot 17 uur).

De tentoonstelling
Collectie Tony Herbert
loopt tot 9 oktober 2011
in MUSEUM DHONDT-DHAENENS
Museumlaan 14
9831 DEURLE

Open van dinsdag tot zondag: 10 - 17 uur / zomer tot 18 uur

Catalogus beschikbaar


(c) artspotter voor 'waterschoenen'


dinsdag 5 juli 2011

'By invitation only' in Galerie Jan Dhaese te Gent

Galeriehouders verzamelen rond zich een aantal 'huiskunstenaars' die ze onder de best mogelijke omstandigheden 'hun ding' laten doen in de galerie of tijdens tentoonstellingen daarbuiten.
Voor de jaarlijkse zomertentoonstelling organiseert Jan Dhaese meestal een groepsshow met kunstenaars uit 'zijn stal'. Dit jaar heeft hij 10 van hen carte blanche gegeven om een andere kunstenaar uit te nodigen.

(c) Jimmy Naessens & Galerie Jan Dhaese

'By invitation only' is een overzichtelijke, eclectische, kleurrijke, vorm-vrolijke, conceptuele, humoristische, ernstige, artistiek-technisch gevarieerde tentoonstelling geworden.

In de achterkamer...

Op vraag van Yves Beaumont zet dominiq v.d. wall (bijna) voet aan de grond in de galerie.
Dolores Bouckaert inviteerde Javier Català, die zijn werk per koerier liet bezorgen.
Hedwig Brouckaert bracht uit New York de verstilde, grijze prints van Carrie Pollack mee.

Aan de straatkant...

Ingrid Castelein koos met de jonge Jimmy Naessens voor een kleurrijke, muzikaal aandoende, eigentijdse mix van Paul Klee en de Nieuwe Wilden: een eruptie van vorm en kleur, maar tegelijk onderhuids strak gestructureerd geschilderd.
In de voorkamer wordt het kleurenfestijn overigens verdergezet in de werken van andere deelnemers.

(c) Annemie Augustijns & Galerie Jan Dhaese

Fotografe Annemie Augustijns (uitgenodigd door Annelies De Mey) laat de Belgische kleuren aan zet op de foto van een uitgewoond flatgebouw in Sint-Joost-ten-Node.

Stéphanie Leblon, zelf niet vies van een streepje kleur in haar portretten, geeft hier ruimte aan de kleurrijk geschilderde doolhof-wereld van Tinka Pittoors: mikado voor gevorderden.

(c) Yves Malfiet & Galerie Jan Dhaese

Yves Malfliet is er bij op uitnodiging van zijn broer Christophe Malfliet met sculpturen die blaken van kleurrijke vormgeving, inhoudelijke durf en enige zin voor humor. In de middenkamer staat een (ook letterlijk) schitterend kermanieken figuurtje op de schouw.

In de hoek rechts daarvan 'pinkt' Nikolaas Demoen (uitgenodigd door Jan Stremes) een sober traantje weg in zwart en wit.

In een pas verschenen artikel over Yves Velter had ik het in Waterschoenen over lege gezichten en zwevende rode bolletjes die staan voor angsten en verlangens. Hier kom ik plots oog in oog met een schilderij van Dirk Leroux (uitgenodigd door Jennifer De Plu), waarin de figuur op het doek ook op zoek lijkt naar enig mentaal evenwicht.


(c) Kobe De Peuter & Galerie Jan Dhaese

Aan de overkant stappen we in de 'verstilde decorwereld' van Kobe De Peuter (uitgenodigd door Kristof Van Heeschvelde). Enkele maanden geleden omschreef ik zijn schilderijen als een 'gevoelige' revival van het fotografisch realisme uit de jaren '70 van de vorige eeuw met architecturale onderwerpen en referenties naar het werk van David Hockney in een onvoorstelbare technische perfectie. Kobe De Peuter laat huiselijkheid en koele benadering in een wankel evenwicht balanceren en legt op die manier de uiteindelijke beleving in handen van de toeschouwer.

'By invitation only'
tot 31 juli 2011
in Galerie Jan Dhaese
Ajuinlei 15B
9000 GENT

donderdag t.e.m. zaterdag: 14 - 18 uur
zondag: 11 - 14 uur

maandag 4 juli 2011

Danny Cobbaut en Co in het Belfort te Aalst

In de Ridderzaal van het Aalsterse Belfort stelt Danny COBBAUT (°1966) indringende, schitterend geschilderde portretten van zichzelf en zijn vrienden voor. Met een onvoorstelbare trefzekerheid weet hij emoties en zuivere zinnelijkheid uit de beelden. Hij weet net zo goed zinderende kracht te leggen in de kleinste schilderijen als in zijn grotere werken.

(c) Danny Cobbaut

Zijn mannelijke modellen geven zich soms letterlijk, maar steeds figuurlijk bloot. Soms kijken ze je rechtstreeks (met grote ogen) aan, zelfverzekerd of enigszins verwonderd. Maar een andere keer toont hij ze geheel in zichzelf gekeerd, intens of rustig genietend van het moment.

(c) Danny Cobbaut

Dat Danny Cobbaut ook als scenograaf voor het theater werkt (NTG), mag niet verwonderen als je ziet hoe hij deze tentoonstelling opgebouwd heeft met verschillende compartimenten, vertrekkend vanuit het centrum van deze moeilijke tentoonstellingsruimte.
Deze compartimentering staat uiteraard in functie van de verschillende thema's in het werk.

Deze tentoonstelling is een absolute aanrader en de omweg naar Aalst waard !

*
U kan meteen ook terecht in de Belfortkelder voor het gevarieerde werk van Mia DOMS, WAF, Mattis VAN SCHUYLENBERGH en Philippe WULLAERT.

(c) Mattis Van Schuylenbergh

Nog te bezoeken op 7 - 8 - 9 - 10 en 11 juli 2011
van 14 tot 19 uur

BELFORT
Grote Markt
9300 AALST

Tekst en foto's: Artspotter voor 'Waterschoenen'

zaterdag 2 juli 2011

Kennismaking met Yves Velter naar aanleiding van een atelierbezoek in Oostende


In 'Waterschoenen' zag U de naam Yves VELTER (°1967) de voorbije maanden reeds een paar keer verschijnen. Een eerste keer gingen we op bezoek in 'Salon Blanc', een kunstinitiatief in het woonhuis van Yves Velter en Els Wuyts in de Romestraat te Oostende. Even later ontdekten we zijn werk in de tentoonstelling 'La part des anges' bij Villa De Olmen in Wieze.

Een paar korte gesprekken met de kunstenaar en het contact met zijn enigmatische werken, deden ons naar meer verlangen.

Tijdens een tentoonstelling leer je via bepaalde werken een deel van de kunstenaar kennen. In het atelier word je geconfronteerd met het omvattende en evoluerende oeuvre en kan je rondlopen in de artistieke leefwereld van de kunstenaar. Hier ontstaan werken, kunnen ze tot maturiteit komen en wachten tot ze uitgekozen worden voor een tentoonstelling.
Sommige werken verdwijnen dan wellicht naar de huizen van verzamelaars, andere keren terug naar het atelier, dat dan ook depot wordt of zelfs een privaat museum, waarin je de evolutie van de betrokken kunstenaar kan volgen.


Yves Velter beschikt in Oostende over een schitterende ruimte met heel veel daglicht in een voormalig industrieel pand. Hij betrekt er de bovenverdieping, gecentraliseerd rond een atrium. Rond de centrale open ruimte staan heel wat schilderijen netjes naast en achter elkaar. Enkele grote werken staan open en bloot en nemen je meteen mee in de sobere, menselijke wereld van de kunstenaar.

Zijn 'kunstbeeld' is inderdaad de weergave van zijn 'mensbeeld': "Hoe goed kennen we de mensen waarmee we in contact komen of zelfs waarmee we samenleven? Soms stel je vast dat ze in relatie met anderen heel anders zijn of reageren dan je zou veronderstellen en dan is het (soms) even schrikken. Want zelf zitten we uiteraard (mede in hoofde van onze bekenden en partners) op dezelfde manier in elkaar. En... bovendien, hoe goed kennen we onszelf?"

Deze uitgangspunten ademen doorheen zijn werk. Vertrekkend vanuit zelfreflectie houdt hij de toeschouwer (soms letterlijk) een spiegel voor. Door het gebruik van een uiterst sobere, uitgezuiverde schildertechniek weet  hij zijn onderwerpen nog eens (puur figuurlijk) extra in de verf te zetten.


(c) Yves Velter


De 'goudkotsende dame' laat in haar grote gulheid het goud uit haar mond stromen. Dit is geen daad van agressie of vulgariteit, maar van altruïsme. De heren op het grote schilderij daarachter zullen rond hun grote vergadertafel niet meteen tot een gesprek komen. Ze zitten allemaal teruggetrokken op hun eigen, kleine eilandje.Hun gezichten zijn spiegels, waardoor we onszelf in de plaats kunnen stellen. In de lucht boven de tafel zweven rode bolletjes die hun (onze) angsten en verlangens symboliseren. Dit is een werk dat als reflectiebord thuishoort in de directiekamer van beleidsmakers op diverse terreinen (... meer dan ooit in deze turbulente, 'beslissende' tijden).

Yves Velter creëert figuren (dikwijls alleen en soms 'alleen' in groep) die in de onmogelijkheid verkeren om met de buitenwereld of met elkaar te communiceren. Ze hebben geen gezicht, geen mond, geen ogen... alhoewel ogen soms wel eens ingevuld worden met stukje onleesbare tekst. Hiermee verwijst hij naar de brieven van zijn autistische tante, die in haar gesloten wereld een eigen, onleesbare taal ontworpen had. Maar daarover straks meer...

Ik moet bij de werken van Yves Velter ook onvermijdelijk denken aan de sculpturen van Sofie Muller, waar het meestal ook over de in zichzelf gekeerde mens gaat. Bij haar worden de ogen letterlijk dicht gewreven.

(c) Yves Velter


Yves Velter is eveneens als beeldhouwer actief. Ook daar blijft zijn mensbeeld overeind, maar in de uitvoering gaat hij over en weer van puur lichamelijke naar meer conceptuele benaderingen. In Wieze zagen we in de tentoonstelling 'La part des anges' onder andere zijn 'La lettre volée', een kistje met aarde uit de tuin van zijn ouders. In zijn atelier werkt hij aan twee figuurtjes, waarvan het ene bekleed wordt met diezelfde aarde en het andere (als kind van de zee) met zand.

(c) Yves Velter

Een andere keer trekt hij een volledige figuur op uit de rode bolletjes die we ook op sommige schilderijen zien verschijnen als symbool voor angsten en verlangens. In het Boeverbos bij het Provinciehuis in Brugge staat een groot werk naar analogie met het detail op bovenstaande foto.

In de periferie van het atelier vind je uiteraard veel meer sporen van actueel en vroeger werk. Tussendoor ontdek ik verschillende vreemdsoortige meubels, het resultaat van een tentoonstellingsproject uit 2001: Private language. Hier reconstrueerde hij de ontoegankelijke leefwereld van zijn autistische tante Trees, aan de hand van meubels uit haar ouderlijk huis en bekleed met haar achtergebleven kledingstukken. De muren werden behangen met haar onleesbare brieven.
De tante was en is voor Velter een grote bron van inspiratie, maar in zijn werk gaat het niet zozeer om haar autisme, dan wel over de (on)mogelijkheid tot communicatie. Tot op zekere hoogte zijn we allemaal een beetje (of meer) autistisch.

(c) Yves Velter

De kunst van Velter is confronterend, snijdt diep in het vel. Hij werkt tegelijk als een anatoom en een psycholoog. Hij zoekt (soms heel letterlijk) naar wat er onderhuids bij de mens te vinden is. Daarbij stuit hij telkens weer op de angsten en verlangens die mensen trachten te verbergen achter een masker. In tegenstelling tot de maskers van zijn historische stadsgenoot James Ensor zijn die bij hem gereduceerd tot lege gezichten. Zijn figuren zijn naamloos, maar toch telkens gebaseerd op bestaande figuren. Soms kan je in een houding hemzelf of zijn onmiddellijke nabestaanden zien opduiken, maar in wezen zijn ze universeel.

Yves Velter is een (althans uiterlijk) rustige man, luisterbereid en zeer communicatief over zijn werk, maar evenzeer klaar om je autonoom zijn artistieke wereld te laten verkennen.


Dat communicatieve aspect en luisterend oor heeft hij trouwens in de buurt van zijn huis in de Romestraat (vlakbij MuZEE) in een sculpturale installatie verwerkt.
In 'Whisper trees' zijn tientallen oortjes in verchroomd brons op de oude bomen van het Filip van Maestrichtplein bevestigd. De oortjes kunnen luisteren naar de culturele verschillen in de buurt. Uiteindelijk zullen de oortjes vergroeien met de bomen en de verschillende culturen met elkaar...
Mensen uit de buurt krijgen overigens de kans om een eigen symbolisch oortje op hun gevel te laten plaatsen.

'Gaze of solitude' (c) Yves Velter

Deze zomer kan je werk van Yves Velter gaan bekijken in twee belangrijke groepstentoonstellingen, waarin poëzie en beeldende kunst hand in hand gaan.

Tijdens See*Point in Koksijde toont hij ondermeer het schitterende 'Gaze of solitude' als samenvatting van zijn artistiek-psychologisch onderzoek.

Bovendien duikt hij (niet voor het eerst) op in Watou, waar U hem in het Blauwhuys terug zal vinden. Als besluit van mijn bezoek kreeg ik overigens een preview van de werken voor Watou. Ze ontdekken laat ik aan U over. Ik kan U alvast verklappen dat er, naast schilderijen, ook een hele zak 'oortjes' naar Watou vertrokken is.

Niet alleen het oog, maar ook het oor wil wat !


Een verslag van See*Point en Watou 2011 bezorgen we U in deze blog na 15 juli...