Zoeken in deze blog

woensdag 5 december 2018

KUNST PROEVEN in de galeries van RIVOLI (Brussel)



- TENTOONSTELLINGSTIPS UIT RIVOLI -


***

ARTELLI GALLERY
(voortaan SCHONFELD Gallery)

tot 22 december 2018


SERIAL KILLER part 2
serie door 
Albert PEPERMANS

Uit de serie 'Serial Killer'



Uit de serie 'Bones' met de gestempelde versie 
van het centrale figuurtje uit onderstaande tekening


Uit de serie 'Palais de Tokyo', een mix van
fotografie en schilderkunst

© Albert Pepermans

SERIAL KILLER
Het tweede deel van de tentoonstelling Serial Killer loopt in Artelli Gallery Brussel  (Rivoli Ukkel) tot 22 december.

Series door Albert Pepermans Part 2


Aangezien de nadruk voornamelijk ligt op zijn multiples, gaat dit tweede deel van de tentoonstelling rond het serieel werk van Pepermans wat meer naar de letterlijke betekenis van het woord. Voor het grootste deel van dit werk gebruikt Pepermans een terugkerende basisschets, vaak afgeleid van eerd-

er werk, dat op verschillende achtergronden is geplaatst. Zijn risoprints zijn dan weer verschillende schetsen van vroeger en nu, die werden afgedrukt op papier via een proces dat nauw aansluit bij de zeefdruk en copy - art. Zijn Journal Brut-serie -genoemd naar het vergelijkbare Journal Brut van Ivo Michiels uit de jaren vijftig- bestaat uit een aantal experimentele figuratieve beelden die fotografisch worden vergroot en gecombineerd met geschilderde achtergronden. De combinatie van marmerpoeder en pigment resulteert in een experimenteel, spontaan en direct beeld. Eerder dan de weergave van een diepgaande en goed gedefinieerde betekenis, fungeren ze als herinneringen aan de reizen die de kun- stenaar maakte naar Californië en Japan. Vergelijkbaar met het eerste deel van de tentoonstelling, zal het werk waarin Pepermans figuratieve stempels op verschillende materialen en achtergronden gebruikt worden getoond. Ook hier wordt opnieuw duidelijk dat kleur en kracht de hoofdrol spelen in het seriële repertoire van deze kunstenaar.


Albert Pepermans
Journal Brut #10


Pepermans is wat hij creëert

Albert Pepermans werd geboren in 1947. Hij woont en werkt in Kortenberg maar zijn oeuvre heeft nooit nationale grenzen gekend. Naast de Belgische grootsteden, exposeerde Pepermans in Parijs, Zurich, Berlijn en New York. Het werk van Albert Pepermans is een weerspiegeling van de man zelf; energiek, intuïtief en veelzijdig. Voor het grootste deel van zijn creaties gebruikt Pepermans verf, inkt en papier. Toch houdt de beperkte hoeveelheid aan materiaal deze artiest niet tegen om eindeloos te spelen met vorm, kleur en onderwerp. Zijn fascinatie voor de Pop Art en het Dadaïsme is telkens aanwezig, zowel in zijn omvangrijke portretten als in zijn kleinere al dan niet abstracte tekeningen.
Improvisatie en impulsiviteit schemeren door en geven de toeschouwer de indruk dat Pepermans zich telkens waagt aan een spontane artiestieke jam sessie.



*

ZWART HUIS

tot 22 december 2018

Colin WAEGHE

'JUNGLE BLOOM'




Colin Waeghe, Fire & Privacy 2, oil on canvas, 2018



Colin Waeghe
Shade, oil on canvas, 2018



Jungle Bloom is de naam van een fictief vakantieparadijs aan de Middellandse Zee. Colin Waeghe gebruikt dit recreatieoord en zijn omgeving als een metafoor voor Fort Europa, waar grenzen worden gesloten en de bevolking zichzelf opsluit in een eenzame luxueuze leegte. In deze gesloten gemeenschap probeert zij zichzelf hopeloos te verdedigen tegen de onafwendbare globale veranderingen. Zij sluit haar ogen voor de bloesem van de jungle, en verwaarloost te oogsten wat zij heeft gezaaid.



Door het gebruik van steeds hetzelfde formaat schilderij, verwijst Colin Waeghe naar de opbouw van een strippagina. Maar in dit geval laat hij alle semiotische verwijzingen varen, en laat hij de toeschouwer vrij zijn eigen narratief te creëren.



Vormelijk startte Waeghe van een zeer gedetailleerde presentatie, trachtend, na een proces van ‘kill your darlings’, een meer directe en minimale manier van schilderen te vinden. 



---



ZWART HUIS presenteert in een aparte ruimte (#12) ook een tentoonstelling rond hedendaagse keramiek.


CRMCS#1. Een selectie van hedendaagse Belgische keramiek.

Werk van Anne Marie Laureys, Tamara Van San, Robin Vermeersch, Joke Raes, Antonino Spoto, Jan Marechal, Mieke Everaet en Yves Malfiet.

Gecureerd door Kris Campo.



© Galerie Zwart Huis





*





NATHALIA TSALA GALLERY

tot 21 december 2018

PEGGY WAUTERS






Peggy Wauters, Serie Lights, oil on wood






Peggy Wauters, Installation Lights, 

lightbox + box with 15 drawings





Peggy Wauters
The dirty dress
pencil on paper
2018



Peggy Wauters (°1968, Aalst) is a multidisciplinary Belgian artist who works across a variety of media, including sculptures, paintings, photo collages, installations and works on paper, often mixed in a way that provides a fresh view of her subject matter. 

Peggy Wauters creates a disrupted reality, an alienating world that we can study in detail and reconstruct with extreme precision, but which remains essentially mysterious . A world in which people often perform strange, useless acts. A world in which man is threatened by his kind or by an indifferent nature.

In the upcoming solo exhibition in our Brussels’ gallery Peggy Wauters will present new small format paintings, drawings, collages and installations united by the theme of ‘lights’.

Peggy Wauters has studied Plastic Arts (the RITO Aalst), Decorative Arts and Crafts (at the Municipal Academy of Fine Arts in Aalst) and Monumental Arts (at the Academy of Fine Arts in Antwerp). Her work is exhibited globally, and is included in multiple Belgian en foreign collections.



In RONSE toont Nathalia Tsala Gallery bovendien werk van 

Rob BUELENS en Rollin BEAMISH (US).





© Rob Buelens & Nathalia Tsala Gallery



In his work, Rob Buelens reflects on human nature. His wondrous, refined scale models and sculptures explore typical human desires, fixations, and group dynamics. His work has a strong connection with the paintings of Flemish and Dutch masters like Jeroen Bosch and Bruegel, but is also affiliated with classic literary works such as ‘Gulliver’s Travels’ and ‘Utopia’. In these classical oeuvres, metaphors and persiflage are employed to reflect critically on the maker’s contemporary society. 

The title of this exhibition is based on the book ‘A Farewell to Arms’ by Ernest Hemingway, an remarkable depiction of war. And the link between the exhibition of Rob Buelens and Hemingway's story goes beyond an allusion to the title. 100 years ago the first world war ended. 1914-1918 is a period marked by turmoil and death: soldiers were massively consumed by the militant system, but civilians and cities did not escape the flames of war either. Tentatively, Buelens tries to depict the engines of struggle in his work. Not as an attempt to rationalize / understand it but to create room for contemplation.

Rob Buelens (°Londerzeel, 1989)obtained a bachelor in Sculpture at the Sint Lucas in Antwerp, after which he completed the higher study of the liberal arts at Sint-Lucas Gent. Despite his young age, Buelens' work has been shown in various exhibitions, both in Belgium and abroad.







© Rollin Beamish @ Nathalia Tsala Gallery, Ronse



Geëngageerd stilisme, Rollin Beamish

In de Nathalia Tsala Gallery valt al sinds zaterdag 17 november een Amerikaanse grafietgrootmeester te bewonderen. Maar wie Rollin Beamish komt ontdekken, wordt niet enkel esthetisch weggeblazen. Met zijn indringende anti-oorlogsretoriek, verbluffende techniciteit, begeesterende portrettering en absurdistisch realisme biedt hij een totaalplaatje aan dat niemand onbewogen laat.      

Veel artiesten die gruwelijkheden portretteren blijven ver weg van realisme omdat ze geweld niet willen esthetiseren, maar daar doet Beamish niet aan mee. “I want to feel the skin while I’m drawing”, vertrouwt de kunstprofessor uit Montana me toe terwijl we een tekening bekijken van het verminkte lijk van een Bahreiner, waarvan de familie na zijn dood de foto’s op het internet plaatste uit protest tegen de bommengruwel. De lichtinval en de fijne haartjes op het dijbeen komen mij maar al te bekend voor. Ik word overvallen door het besef dat dit mijn eigen been zou kunnen zijn. 

Beamish kunstwerken beheersen het spel van aantrekking en afstoting tot in de puntjes. Het oogstrelend realisme roept een afkerige fascinatie op voor de gruwel. De knipogen naar Hollywood, met onder andere portretten van Arnold Schwarzenegger uit “The terminator” en Sigourney Weaver uit “Alien”, krijgen een schokkend realistische tegenhanger in de oorlogsbeelden. Wat verder ontwaart de bezoeker het logo van oorlogsvliegtuigenfabrikant Lockheed Martin en de cynische leuze van het bedrijf: ‘We never forget who we’re working for’. 
Tussen de tekeningen springen ook de metaalachtige, grijze blokken in het oog die hun boodschap pas prijsgeven na dichte observatie vanuit verschillende invalshoeken. Het lijken wel graftombes in donkere natuursteen, maar daarvoor blinken ze te veel. In werkelijkheid betreft het mechanisch gepolijst grafiet waar je gerust je vinger overheen mag laten glijden. 
Naast indrukwekkende portretten en grafiettombes heeft Beamish de ruimte ook aangekleed met quotes en commentaren die eerder willen aansporen tot nadenken dan antwoorden. Zo valt er een tekst te lezen van de socioloog Luc Boltanski over de ethische problematiek van het portretteren van geweld. Het betreft een citaat dat op het eerste gezicht afbreuk doet aan het werk van de artiest, maar deze paradox toont vooral aan dat Beamish diep over het onderwerp heeft nagedacht en dat hij het debat wil openen. “Dit werk gaat niks veranderen”, legt hij uit, “daarvoor is het te klein, maar misschien kan het toch iemand aanspreken of is het een momentopname in de geschiedenis.”   
Rollin Beamish is een uitzonderlijke artiest die een enorme creatieve drang combineert met een gezegend intellect en een diepgaande bewogenheid voor zijn medemens. In de Nathalia Tsala Gallery in Ronse heeft u de kans om de werken van dichtbij te bewonderen. Daar kan u overigens ook enkele werken van de getalenteerde jonge Belgische artiest Rob Buelens bekijken. Zijn originele installaties zetten de menselijke samenwerking in een verrassend licht.   

Tekst: Joost Elet 



*


LA PEAU DE L'OURS



Bij ons bezoek was hier de kleine, maar bijzondere tentoonstelling 'All&Parts' te zien met keramisch werk van Abel JALLAIS en Diego Miguel MIRABELLA.

De eerste koppelt taal aan Marokkaanse mozaïeken, terwijl de tweede zich profileert met keramische sculpturen die schijnbaar ontleend zijn aan industriële vormen.

"With just a few pieces, like remains, Abel Jallais and Diego Miguel Mirabella suggest the existence of a primordial civilization of which our present would be an uchronia, a sort of paradoxical excavation field. It is no coincidence that the medium used is clay, a two-fold prime material, and that the human figure is absent. All that remains is what it leaves behind: material traces and existential questions."

Via deze link vindt U meer informatie (in woord en beeld) over de tentoonstelling.




Abel Jallais & Diego Miguel Mirabella




Morgen, donderdag 5 december volgt vernissage (18 - 21 uur) 
van de nieuwe show: 

« Semer » 


« Semer » zal de werken van beeldend kunstenares Cadine Navarro en textielkunstenares Elise Péroi voorstellen.









*


ROSSI CONTEMPORARY


tot 5 januari 2019



www.rossicontemporary.be










*

PLAGIARAMA

tot 15 december 2018

Emma Pollet & Anita De Laforêt








*




HOPSTREET GALLERY


tot 21 december 2018

PAUL CASAER

(invited by Eva Wittocx)

in
HOPSTREET WINDOW



© Paul Casaer



Het nieuwe werk dat Paul Casaer voor de vitrine van Hopstreet in het Rivoligebouw realiseert, vertrekt van de eigenschappen van de ruimte en de betekenissen die deze oproept. Het aanvankelijke uitstalraam, door de galerie later omgevormd tot kleine white-cube box, wordt door de kunstenaar opnieuw behandeld als vitrine die koopwaar aanprijst en voorbijgangers tot consumptie aanspoort. Het voorwerp van deze begeerte is inwisselbaar, ook al blijft de interactie dezelfde: er wordt getoond en gekeken, gelonkt en gegeerd, mogelijks bezweken. De kunstenaar prijst hier echter geen specifiek object maar focust op de dynamiek die de context genereert. In de vitrine presenteert hij enkel een schaalmodel van de vitrine zelf. Hij citeert de omgeving en verandert zo de betekenis. De spiegel die hij voorhoudt biedt geen volledig aansluitend beeld; hoewel de sculptuur amper afwijkt ontstaat er een verschuiving en commentaar op de context.

Eva Wittocx



*




ZARAH HUSSAIN



'grids and sub-grids'






Zarah Hussain, Water, 2018

42 pieces of cast resin, gesso plaster, paint, varnish
80 x 80 x 12 cm




Zarah Hussain
'Still' from Invisible Threads, 2018
54 Rhomboids
220 x 225 cm, unique + 1ap
© Natalie Kennedy



Zarah Hussains wiskundige aanleg en interesse in patronen wakkerde haar belangstelling aan voor geometrische vormen uit het oude Perzische rijk. Na haar universitaire opleiding in pers en media werkt ze vervolgens bij de Britse zender BBC. De training aan de ‘Prince’s School of Traditional Arts’ in Londen vormt echter de start van haar kunstenaarschap in 2004. Sinds deze hands on-opleiding heeft Hussain haar artistieke carrière spectaculair weten uit te bouwen met diverse tentoonstellingen en grootschalige publieke opdrachten.



De artistieke identiteit van Zarah Hussain situeert zich op het kruispunt van wetenschap en sacraliteit.

Haar oeuvre bestaat uit tekeningen, schilderijen, reliëfs, sculpturen, (licht)installaties en loopt uit in digitale toepassingen zoals apps. De creatie van kunstwerken wordt geschraagd door een breed onderzoek naar de essentie en de cultuurhistorische verwerking of recuperatie van de islamitische kunst. Momenteel richt ze haar aandacht op de textielproductie in Kasjmir en de relatie tussen weven en abstractie. Eenvoudig gesteld bestaat het basisprincipe om een lap stof te bekomen uit ketting- of scheringdraden die over de lengte van een raam gespannen zijn om in de breedte gekruist te worden door inslagdraden. Door die kruisingen ontstaat, vergelijkbaar met het knopen van tapijten, automatisch een grid- of rasterpatroon.



De onderliggende geometrische structuur boeit Hussain en al haar kunstwerken nodigen de toeschouwer uit om onbevangen van te genieten, maar eveneens om over een dieper liggende structuur te reflecteren. De zintuiglijk waarneembare wereld kan wetenschappelijk uitgedrukt worden in lengtes, oppervlakken en volumes of volgde in de westerse kunst de mimetische traditie om deze te beschrijven. Net als de islamitische kunst opteert de historische avant-garde eveneens voor een expressie waarin de representatie van de zichtbare wereld geen rol speelt. Gebaseerd op

 mathematische instructies met draai- en spiegelsymmetrieën creëert Hussain visuele formules die het universele uitdrukken. De repeterende ordeningen werken hypnotisch-contemplatief en suggereren vaak eindeloosheid. Hierbij haalt de kunstenares de vergelijking aan met DNA waarbij zich uit een

 enkele bron tal van zinvolle variaties ontvouwen.



Het complexe verschijnsel van het bestaan, van atomair niveau tot de hemelbaan van een planeet, wordt gevat in geometrie. Driedimensionele vierkanten, hexagonen en polygonen vormen veelal de basis. Door het oppervlak van facetten te voorzien die deels worden ingekleurd, wordt de ruimtelijke dimensie benadrukt. Zelden is er eenduidig centrum: deel en geheel gaan een wisselwerking aan waar een harmonie uit voortvloeit.


Dit allegorisch spel van vorm en kleur streeft weinig of geen verhalende betekenis na. Alles draait om de combinatie van waarden: primaire vormen of kleuren - hoe die zich tot elkaar verhouden en daarmee het idee van totaliteit oproepen. 

Stef Van Bellingen

*

Er wachten U vast nog andere ontdekkingen in RIVOLI...





zaterdag 1 december 2018

‘DE NIEUWE MORGEN’ in MUDEL (Deinze)



Op 10 juli van dit jaar namen we U in Waterschoenen mee naar de Biënnale van de Schilderkunst, waarmee de musea van de Leiestreek (MDD - Deurle, MUDEL - Deinze en Raveelmuseum - Machelen aan de Leie) in een unieke samenwerking een forum bieden aan hedendaagse kunstenaars.

In het MUDEL (Museum van Deinze en de Leiestreek) fungeerde een enorme wand met schilderijen van vroegere 'Leieschilders' als uitgangspunt.


Vandaag staan we er terug voor een kennismaking met de tentoonstelling 

'de nieuwe morgen'

 waarin het impressionisme, het symbolisme en het expressionisme in Vlaanderen tussen 1890 en 1930 belicht worden aan de hand van ruim 60 werken uit twee van de belangrijkste privécollecties op dit terrein: de Londense Simon Collection en de collectie van Herman De Bode, onlangs opgenomen in de Phoebus Foundation van Fernand Huts.


'de nieuwe morgen' in het mudel


Met deze tentoonstelling sluit het museum nauw aan bij de eigen artistieke collectie die "enkel bestaat uit werken gemaakt door kunstenaars, die gewoond en/of gewerkt hebben in de streek rond de Leie".

Toen ik in 1999 het museum bezocht, ontdekte ik een vaste collectie met heel wat namen die vandaag in 'de nieuwe morgen' terugkeren, zoals George Minne, Valerius De Saedeleer, Gustave Van de Woestijne, Constant Permeke, Leon De Smet, Gust De Smet of Frits Van den Berghe.
Zij vormen in sterke mate het DNA van deze collectie.

Uiteraard ligt de selectie in 'de nieuwe morgen' een stuk ruimer dan de Latemse School, maar toch spelen de schilders uit die kringen een cruciale rol.


Frits Van den Berghe, Droom bij wake, 1926
The Phoebus Foundation


'De nieuwe morgen' wijst op internationale doorbraken in de beeldvorming van de Europese kunst.
In Frankrijk, toen nog een artistiek gidsland, keerde een figuur als Courbet zich reeds in 1850 af van de academische kunst om te ijveren voor het realisme. Nadien, vanaf 1863 zorgde o.a. Claude Monet voor vernieuwing met het impressionisme, waarna Seurat en Signac de lijn op quasi wetenschappelijke wijze doortrokken naar het pointillisme. Les Nabis, onder impuls van Paul Serusier, wilden dan weer meer diepgang in de richting van het symbolisme.

Kunstenaarsverenigingen als 'Les Vingt' en 'La Libre Esthétique' (waar ondermeer Ensor, Van Rysselberghe of Minne lid waren) brachten tussen 1883 en 1914 de heersende richtingen en hun vertegenwoordigers naar ons land via tentoonstellingen en het tijdschrift L'art moderne.

Dan was er ook nog het Duitse expressionisme met groepen als Die Brücke en Der Blaue Reiter, maar toen waren we al voorbij de eeuwwisseling.
Kunstenaars als Gust De Smet en Frits Van Den Berghe ondergingen die invloeden gedurende hun ballingschap tijdens de eerste wereldoorlog in Nederland.

Al die eerder genoemde voorbeelden vertaalden zich vroeg of laat in Vlaamse toepassingen, soms op een heel specifieke manier zoals het 'luminisme' van Emile Claus of het 'Vlaams expressionisme'.


Gustave De Smet, Zomer, 1913
The Phoebus Foundation


We worden in het museum verwelkomd door twee schilderijen die meteen de toon zetten: Frits Van den Berghe met 'Droom bij wake' (1926) (zie hoger) en Gustave De Smet met 'Zomer' (1913) (zie hierboven).

Het eerste is een mix van de expressionistische vormgeving en een dreigende sfeerschepping die het persoonlijke verhaal van een gespannen relatie beschrijft. Van den Berghe durfde wel meer ophalen uit de diepe krochten van het onderbewuste om tot bevreemdende scènes te komen.

In het tweede werk voert De Smet volgens Piet Boyens (in de overigens schitterende catalogus bij deze tentoonstelling) "nog een late rondedans van het impressionisme op". Hij schilderde dit doek speciaal voor de Wereldtentoonstelling van 1913 in Gent, als deel van de serie 'Seizoenen'.
De techniek mag dan al impressionistisch zijn, de vrouwenfiguur (femme-fleur) ademt symboliek.


Laat ons in de verschillende afdelingen enkele werken belichten. Zo ontdekt U gaandeweg de hele collectie die U soms zal vertederen, dan weer verstillen of verwonderen en U nu en dan tot innerlijke vreugdedansjes zal verleiden.

We beginnen in de zaal van het impressionisme.

Het schilderij 'Zonnig interieur (De tafel)' (1910) is meteen een voorbeeld van impressionisme gemengd met technieken van het pointillisme. Het bijzonder zonnige, kleurrijke tafereel is, ondanks de 'wazige' invulling, nog steeds strak gestructureerd, terwijl de vrouw op de achtergrond bijna in het decor verdwijnt.
Intimistische badscènes met het koloriet van Bonnard dringen zich op bij het zien van dit schilderij.

Henry Van de Velde (die een belangrijke figuur in de art nouveau zou worden) kiest dan weer voor de principiële toepassing van het pointillisme. Getuige hiervan is het schilderij 'De kerkgang' (1889).


Frits Van den Berghe
Klein meisje in de tuin
1909
The Phoebus Foundation

Noteer toch ook het werk 'Klein meisje in de tuin' (1909), waarmee de onvatbare Frits Van den Berghe een schijnbaar zuivere uitstap in het impressionisme maakt. Maar deze kunstenaar beperkt zich nooit tot het oppervlak. Het meisje kijkt ons diep in de ogen.

Emile Claus was zonder twijfel de kunstenaar die van het impressionisme een eigen, succesrijke versie maakte met zijn 'luminisme'. . Het museum bezit zelf zijn monumentale 'Bietenoogst'.


Leon De Smet
Meisje (Dédé) aan tafel
1921
The Phoebus Foundation


U laat hier ongetwijfeld Rik Wouters niet aan Uw aandacht ontsnappen en bij het grote raam mag U 'Meisje (Dédé) aan tafel' (1921) van Leon De Smet zeker niet uit het oog verliezen.



Op nu naar de zaal van het symbolisme, waar we begroet worden door James Ensor, die met zijn maskers een heel eigen gezicht toont.
'Du rire aux larmes' (1908) is typisch Ensor en staat qua kleurgebruik en penseelvoering mijlenver van Spilliaert of De Saedeleer.


James Ensor, Du rire aux larmes, 1908
The Simon Collection of Belgian Art


De gestileerde landschappen zoals 'De oude perelaar' (1925) van Valerius De Saedeleer en de verfijnde 'Kleine reliekdrager' (1897) van George Minne houden de balans tussen oud en jong perfect in evenwicht.

Met 'De slechte zaaier' (1908) brengt Gustave Van de Woestijne een soort icoon naar de vorm, maar ook inhoudelijk van zijn tijd en zijn persoonlijke leefwereld.


Valerius De Saedeleer
De oude perelaar
1925
The Phoebus Foundation
George Minne
De kleine reliekdrager
1897
The Simon Collection of Belgian Art



In de zaal 'Ballingschap en vrijheid' wordt duidelijk hoe de eerste wereldoorlog voor nogal wat kunstenaars tot nieuwe contacten en inzichten leidde. Dat had vooral te maken met hun ballingschap in Engeland of Nederland. Zo vonden Gustave De Smet en Frits Van den Berghe via Nederland aansluiting bij het Duits expressionisme. Voor De Smet bleek dat een natuurlijke weg in de evolutie van zijn beeldtaal. Zijn schilderij 'Venster op de stad' (Amsterdam, 1918) is daar al meteen een treffend voorbeeld van.


Het 'Vlaams expressionisme' vindt vanaf 1920 een eigen weg, vooral onder impuls van Gustave De Smet, Frits Van den Berghe en Constant Permeke. Het zijn bij Permeke niet altijd flink uit de kluiten gewassen boeren of boerinnen, maar ook 'verfijnde' figuren zoals 'De prelaat' (1925) die zijn doeken bevolken.



Constant Permeke 
De prelaat (detail)
1925
The Phoebus Collection


Met 'Het huis van de schilders' (1923) zorgt Frits Van den Berghe voor een buitenbeentje in de meestal duistere wereld van de Vlaamse expressionisten.
Dit schilderij is de perfecte keuze als campagnebeeld en kaft van de catalogus 'de nieuwe morgen'.


En dan wachten ons nog enkele (in mijn ogen) van de mooiste verrassingen in deze tentoonstelling.
In de hoge zaal met de grote raampartij nemen Gustave De Smet en Floris Jespers de honneurs waar in een sobere, maar unieke accrochage. Hier heersen het licht en de frisse kleuren.
De twee kunstenaars kunnen me hier in hoge mate bekoren, maar toch zorgt Jespers voor het grootste wow-effect, niet alleen met zijn 'Baadster / Vrouw aan het strand' (1931) of 'Bonjour Ostende' (1926-27), maar vooral met het relatief kleine schilderij 'Marc groet 's morgens de dingen' (1926).


Floris Jespers
Marc groet 's morgens de dingen
1926
The Phoebus Foundation


Onthou dat het beroemde gedicht van Paul van Ostaijen gebaseerd was op wat het zoontje van Jespers in huis om zich heen zag en begroette.
Enkele jaren later schilderde Jespers dit portret van zijn zoontje als antwoord op het gedicht van zijn vriend.

Om de hoek toont Jespers nog een driedubbel gelaagde 'Mariage de raison' (1927) en even verder laat Frits Van den Berghe in onverdachte tijden 'Het verlangen' (1924-25) op volle toeren draaien.

We kunnen maar best wat frisse lucht gaan opzoeken...


De schitterend uitgegeven catalogus beschrijft niet alleen de werken, maar schetst ook op uitvoerige wijze de historische en kunsthistorische omstandigheden.




tot 27 januari 2019

Museum van Deinze en de Leiestreek


L. Matthyslaan 3 - 5
9800 DEINZE

Open
dinsdag tot vrijdag: 14 - 17.30 uur
zaterdag en zondag: 10 - 12 & 14 - 17 uur


© Art Spotter / Waterschoenen



dinsdag 27 november 2018

Rik MOENS en Willem BOEL bij LOODS 12 (Wetteren)



Het was een hele tijd geleden dat we nog eens in Loods 12 waren, maar met de huidige dubbeltentoonstelling van Rik MOENS en Willem BOEL voelden we ons meteen weer thuis.


Loods 12


Rik MOENS heeft in het verleden al een stevig en veelzijdig oeuvre samengesteld, met verschillende technieken en soms flink uit de kluiten gewassen installaties zoals zijn spiegelconstructie tijdens Kunst en Zwalm (2009). In 2012 vonden we dat werk terug in Blakmeershoeve te Affligem, waar hij met enkele medestanders een schitterende tentoonstelling uitbouwde. (zie Waterschoenen 16 juni 2012). Even later dook hij ook op in de tentoonstelling 'Sans Gêne' in Villa De Olmen (Wieze), een groepsproject van Maria De Grève en Lieve D'Hondt.

Sindsdien werd het een beetje stil, maar nu is Rik MOENS weer helemaal terug.

In september van dit jaar dook hij tijdens KRASJ in zijn geboortestad Ninove op met de installatie 'O EN 1'. Vincent De Roder van Loods 12 (toen zelf als schilder vertegenwoordigd in Krasj) was meteen voor het project gewonnen en zo staat de installatie (in feite het prototype voor wat een veel grotere uitvoering moet worden) nu centraal in de grote ruimte van de galerie.

Rondom hangen een aantal vroegere werken (meestal tussen 2002 en 2010) die getuigen van zijn experimentele drang, materiaalbeheersing, poëtisch vermogen en esthetische kracht.


Rik Moens 
Nul & Eén, 2018, diverse materialen,
130x150x150
Achtergrond links:
Z.T., 2007, frame, canvas, kunststof, nachtvernis,
100x100
Achtergrond rechts:
Z.T., 2016, acryl, canvas, 200x160


In de werkelijkheid duurt het proces van de installatie 'NUL en EEN' zowat 30 minuten. Het hele bewegingsproces is dan ook een oefening in traagheid en stille contemplatie.

Bij de presentatie in Ninove voegde de kunstenaar voor de bezoekers de volgende tekst toe:
"Ik zie mijn werk in een gelaagdheid van meerdere betekenissen, waar er plaats is voor nieuwe of voor mij onzichtbare betekenissen. Graag had ik met jullie deze opportuniteit willen aangrijpen om een stukje collectief onbewuste bloot te leggen... "


Deze 'machine' zorgt voor subtiele beweging zoals Pol Bury dat ooit op zijn manier met sommige kinetische sculpturen liet gebeuren, maar staat diametraal tegenover de krakende en razende 'spektakelmachines' van Jean Tinguely.


*

De ruimte achteraan in Loods 12 is het terrein van Willem BOEL.
Deze presentatie biedt een summiere blik op zijn oeuvre, een kennismaking met zijn artistieke vocabularium en grammatica.

De voorbije 10 jaar heeft hij een indrukwekkende collectie opgebouwd met dikwijls gigantische, bewegende constructies.
Mobiel of stabiel, steeds is er die poëtische 'nutteloosheid' van zijn objecten. Neem nu zijn 'Pare feu #6' uit de gelijknamige serie of 'Coaster #14'.

De sculpturen van Willem BOEL ontstaan niet als voorgeprogrammeerde objecten of vanuit voorbereidende schetsen. De kunstenaar creëert ze vanuit het verzamelde materiaal (al dan niet gerecupereerd metaal, touw, aluminium, verf,...) als een groeiproces.

De 'machines' zoals de grote constructie uit de reeks 'De Nieuwe Molens' hebben geen enkel praktisch nut, hoewel de toeschouwer zich onvermijdelijk een en ander gaat voorstellen. Ze zijn gewoon zichzelf, met hun specifieke esthetische karakter, ontleend aan een industriële oorsprong en hun historische, annex toegevoegde patina's.

Info:


Willem Boel, De Nieuwe Molens, 2018, 108x272xh.189,
steel plate, from, aluminium, paint


Tot 16 december 2018
zaterdag en zondag
14 tot 18 uur

Koophandelstraat 12
9230 WETTEREN



© Art Spotter / Waterschoenen




vrijdag 23 november 2018

Stefaan VERMUYTEN in Galerie DE ZIENER (Asse)





Galerie De Ziener - Asse


Wie dezer dagen bij Galerie De Ziener in Asse binnenstapt, staat meteen oog in oog met een jager. Het schilderij toont een wat zielige figuur, weliswaar het geweer in de hand, maar nogal clownesk door de knieën buigend en fel afgetekend tegen het licht van de volle maan. Ik ervaar hem meer als prooi dan als jager. Het vogeltje bij zijn hoofd is hoegenaamd niet bang en zit hem waarschijnlijk ongegeneerd uit te lachen. Het lijkt wel of de jager horens draagt, waarin het vogeltje zich genesteld heeft.

Met dit schilderij 'Full Moon Hunting' geeft de kunstenaar meteen ook een titel aan de complete tentoonstelling. Vermuyten gaat de volle maan achterna, niet als jager in de strikte zin van het woord, maar als commentator en 'zinzoeker' (al durft hij het met zijn eigen gevoel voor humor wel eens als 'onzin' verpakken). Hij probeert de waanzin van de wereld dichtbij en ver weg te duiden.
De kunst van Stefaan Vermuyten, dat is 'Ter Zake' en De Afspraak' van de televisie, maar dan zonder het grote gelijk van de verschillende actoren.

Jaren geleden noemden we Stefaan VERMUYTEN reeds "een kritische, maar met milde humor gezegende schilder". Humor is een uitstekend wapen tegen de alledaagsheid van het leven. Soms is dat leven wat minder mild of ronduit tegendraads en dan dringt zich een scherpere benadering op.



Stefaan Vermuyten, Full Moon Hunting, 2017,
acryl op doek, 70 X 50 cm


Stefaan Vermuyten schildert met de onbevangenheid van een kind, zonder restricties en 'to the point'. Hij toont ons 'stills' uit zijn 'sprookjeswereld'. Sprookjes hebben per definitie een mooie en een minder aangename kant. De schilder gaat geen van beide uit de weg. Zeemzoet zal je bij Vermuyten niet terugvinden. Meestal laat hij de dubbele bodems botsen, nu eens onderhuids, dan weer volop vibrerend aan de oppervlakte.

Neem nu de warme intensiteit van zijn 'Full Moon Hunting' hierboven of de schijnbare koelte van zijn 'Living Doll' hieronder.

Een kunstenaar doe je natuurlijk niet kiezen tussen al zijn 'kinderen', maar deze 'Living Doll' ligt hem wel heel nauw aan het hart. 



Stefaan Vermuyten, Living Doll, 2018
acryl op doek, 60 X 50 cm


Ik zou Stefaan Vermuyten wel een cartoonist durven noemen. Dat is geenszins oneerbiedig bedoeld, maar ingegeven door de zuivere vaststelling dat hij met schijnbaar eenvoudige picturale middelen een zo duidelijke taal spreekt.

Dat die beeldtaal bovendien divers is, zal U doorheen deze tentoonstelling duidelijk worden. Er ligt een wereld van verschil tussen zijn 'Full Moon Hunting' en bijvoorbeeld 'Tank Dance' of 'Separatism'. 
Met slechts 15 schilderijen verdeeld over de galerieruimte vooraan en het tuinpaviljoen krijgt elk werk voldoende ademruimte, maar tegelijk ook mogelijkheid tot interactie.



Een kleurrijke, vrolijke dame tussen werk van Stefaan Vermuyten
(L) Home, 2016, acryl op doek, 40 X 50 cm
(R) In the Woods, 2018, acryl op doek, 60 X 70 cm


'Home' en 'In the woods', of zijn atelier en een plek waar hij vreemde voorwerpen vindt. Voor dat laatste moet U zijn pagina op Facebook maar eens raadplegen. Dan maakt U meteen ook kennis met zijn taalkundige zin voor (absurde) humor.

We nemen U intussen mee naar het bos voor de 'The Teddy Bear's Picnic'.

Zing gerust mee... 


*

Neem bij Uw bezoek ook een kijkje op de verdieping van de galerie. In de 'Permanentie' wacht werk van verschillende kunstenaars: Jean-Georges Massart, Julien Coulommier, Eric De Smet, Jo De Smedt, ...



In de permanentie op de verdieping o.a.:
Jean-Georges Massart, Japanse Duizendknoop
Julien Coulommier, Warm Koud 

Info

Tot 23 december 2013
vrijdag, zaterdag en zondag van 15 tot 18 uur
STATIONSSTRAAT 55 - 1730 ASSE


© Art Spotter / Waterschoenen



maandag 19 november 2018

DIALOOG met 6 STEMMEN bij Galerie EL (Welle)




De hoge witte ruimte met de grijs-beige tegelvloer van Galerie EL doet me niet voor het eerst aan een laboratorium denken. De white cube zorgt enerzijds voor een neutrale omgeving waarin verschillende beeldende kunstenaars hun werk kunnen presenteren, maar beschikt bovendien met zijn schuin oplopend dak over een eigen gezicht. Hier heerst het natuurlijke licht, terwijl de zolder een stijlvolle intimiteit garandeert.

Accrochages zijn bij EL steeds met een natuurlijke flair uitgetekend. De oeuvres van de verschillende kunstenaars in de huidige presentatie lopen qua vorm, kleur, thematiek en techniek sterk uit elkaar. Toch verdragen en verruimen ze elkaars gezelschap.
Wit, grijs en felle kleuren zoeken beneden een weg naast elkaar, terwijl boven zwart en gitzwart elkaar in evenwicht houden.

Met werk van vier kunstenaars wordt de laboratoriumfunctie van de benedengalerie weer flink benut. De vier dames hebben elk een eigen 'hoek', waar ze hun experimenten uitvoeren.

Bij het binnenkomen wordt mijn blik in eerste instantie aangetrokken door de installatie 'Stilleven met plaaster objecten, steen, deurstopper, antropogeen samples, steen, steen, Daniël's objecten, meubelpaneel de anderen en de rest' (2018) van Alice DE MONT. Heel even waan ik mij in het atelier van Giorgio Morandi dankzij de witte flesvormen op de tafel. Maar haar installatie bevat veel meer objecten, die ze zelf als personages omschrijft.
Alice De Mont dook voor het eerst in Waterschoenen op tijdens de Open Studio's van het HISK (21/5/2011).In 2012 (23/10) presenteerden we haar in het tweelandenproject 'Façade' van Netwerk Aalst en in 2013 (19/6) met 'Deviaties' bij Cecilia Jaime in Gent. 
Ze blijft met volle overtuiging haar eigen - zinnig onderzoekstraject bewandelen.




Alice De Mont, Stilleven met plaaster 
 objecten e.a. (detail), 2018


Syvie DE MEERLEER omschrijft op haar website zelf de bedoelingen van haar artistieke zoektocht:

"With pencil strokes - soft and invisible as silent words - I want to dismantle treasures of time and space"

Met potlood (of carbonlint zoals in onderstaande triptiek) creëert ze een 'fade out' die aanzet tot een voorzichtige, stille benadering.


Sylvie De Meerleer, Between Void and Presence, 
zwarte carbonlint op papier, 2017


De gekleurde sculpturen of objecten van Nora De Decker lijken soms te verwijzen naar gewone gebruiksvoorwerpen, weliswaar met een flinke 'twist'. Door ze uit hun context te halen, krijgen ze een autonoom en esthetisch karakter. Soms hebben ze een herkenbare titel zoals Vlag, Touw of Strepen, maar dikwijls zijn het titelloze objecten. In elk geval bieden ze ruimte voor interpretatie.
Het zijn letterlijk en figuurlijk tekens aan de wand, die in al hun essentiële eenvoud de toeschouwer een nieuwe 'beeldtaal' leren 'lezen'.


Nora De Decker
 Geen titel, olieverf op leer en hout, 2018 (links)
Touw, olieverf op hout, 2018


Elke VAN KERCKVOORDE verscheen reeds eerder in Waterschoenen. We hebben haar leren kennen met een grafische beeldtaal die ze ontleent aan logo's of verpakkingen en waarmee ze de grenzen tussen design en schilderkunst opzoekt.

In haar nieuwe project 'De assistenten' laat ze het uitvoeringsproces van haar ontwerpen over aan een plottermachine die dus als haar 'assistent' fungeert. Het zal wel geen toeval zijn dat haar 'assistenten' er als kleurrijke robotten uitzien. 
Via de link op haar naam hierboven krijgt U het hele proces in woord en beeld.


Elke Van Kerckvoorde, De Assistenten
Plottertekeningen met gepigmenteerde inkt op canon, 2018


Op de zolder zorgen Jo DE SMEDT en Niek HENDRIX voor een sterke confrontatie tussen tekeningen en schilderijen, allebei gebruikmakend van zwart.

Jo DE SMEDT volgen we al ruim 10 jaar in Waterschoenen. Waar we hem begin 2008 omschreven met de term 'gedistingeerde punk' is hij de laatste jaren via allerlei tussenstations (van onderwerpen uit comics, reclame of klassieke stillevens) steeds meer de scherpe kantjes (ook letterlijk) gaan benadrukken. Grafiet is nog steeds zijn geliefkoosd materiaal, gitzwart blijven zijn getekende objecten of tekens.
Ook in zijn 'grindcore poetry' schuwt hij de scherpe randen niet.

Zopas presenteerde hij in zijn atelier in Asse nog een serie gezeefdrukte sjaals i.s.m. Madame7 onder de titel: KEIHARD ZWART.


Jo De Smedt, Tekening 150 X 100, grafiet


Niek HENDRIX presenteert combinaties van 'magisch-realistische' schilderijen in zwarte olieverf op paneel in strakke blankhouten kabinetten. Met een uiterste precisie realiseert hij zijn ('kleurloze') taferelen van aanvullende, contrasterende of dialogerende momentopnames.
We leerden hem reeds eerder met gelijkaardige presentaties kennen in 'Van Stof tot Asse'. Net als in de moderne, meestal digitale beeldenstorm die we dagdagelijks te verwerken krijgen, laat Hendrix zijn schilderijen elkaar gedeeltelijk overlappen. Slagen we er nog in een overkoepelend beeld te krijgen of verdrinken we in het beeldenbad van de massamedia? De kunstenaar presenteert ons alvast een duidelijk kader met weliswaar gedetailleerde, maar niettemin tot de essentie gestripte beelden.

Niek Hendrix is tevens de oprichter en hoofdredacteur van het webmagazine


Niek Hendrix, detail van panelen uit Cabinet
Olieverf op houten panelen en houten kabinet




TOT 9 DECEMBER 2018
in
GALERIE EL
 Drieselken 40
9473 WELLE

vrijdag, zaterdag en zondag
15 tot 18 uur




© Art Spotter / Waterschoenen